20 maart 2014

Spaanse belasting op overdracht vermogensbestanddelen niet in strijd met Zesde btw-richtlijn

NL Nieuws Spaanse belasting op overdracht vermogensbestanddelen niet in strijd met Zesde btw-richtlijn

Het Hof van Justitie EU oordeelt dat de Spaanse belasting op de overdracht van vermogensbestanddelen niet in strijd is met de Zesde btw-richtlijn. Volgens het EU Hof verschilt de belasting zodanig van de btw dat zij niet kan worden aangemerkt als een belasting met het karakter van een omzetbelasting in de zin van art. 33 lid 1 Zesde btw-richtlijn.

 

Caixa d'Estalvis i Pensions de Barcelona heeft 3,26% van de aandelen Inmobiliaria Colonial SA in handen. De activa van IC SA bestaan vooral uit onroerende zaken. Begin 1993 neemt La Caixa de deelneming van Banco Central SA in IC SA over. Na deze overname bezit La Caixa 63,85% in de aandelen van IC SA. Op grond van de wet op de effectenmarkt is La Caixa 6% belasting op de overdracht van vermogensbestanddelen verschuldigd. La Caixa is van mening dat deze belasting in strijd met de Zesde btw-richtlijn is. De Spaanse rechter heeft prejudiciële vragen in deze zaak gesteld.

 

Het EU Hof oordeelt dat de Spaanse belasting, op grond waarvan over de verwerving van een meerderheidsdeelneming in een vennootschap, waarvan de activa voornamelijk uit onroerende zaken bestaan, een andere indirecte belasting dan de btw wordt geheven, niet in strijd is met de Zesde btw-richtlijn. Het hof wijst daarbij op zijn jurisprudentie. Het hof heeft hierin aangegeven dat een heffing met kenmerken als die van de Spaanse belasting op de overdracht van vermogensbestanddelen zodanig van de btw verschilt dat zij niet kan worden aangemerkt als een belasting met het karakter van een omzetbelasting in de zin van art. 33 lid 1 Zesde btw-richtlijn.