22 april 2014

Pensioenrechten meenemen in EU makkelijker

NL Nieuws Pensioenrechten meenemen in EU makkelijker

Opgebouwd aanvullend pensioen kan voortaan makkelijker meegenomen worden naar een ander EU-land. Het Europees Parlement (EP) stemde dinsdagavond in met een eerder hierover bereikt akkoord met de EU-lidstaten.

Er gelden al EU-regels over het meenemen van de door de staat geregelde oudedagsvoorziening, in Nederland de AOW genoemd. Maar over het extra opgebouwd pensioen bijvoorbeeld via de werkgever bestonden nog geen afspraken. Veel EU-lidstaten hebben deze zogeheten tweede pijler niet, Nederland wel.

 

Ria Oomen (CDA), onderhandelaar namens het EP, is verheugd dat dit dossier na jaren stilstand eindelijk er door komt. ‘Een goed pensioen is harde noodzaak zeker omdat de levensverwachting in Europa door de jaren heen enorm is gestegen', aldus de politica.

 

Aanvullend pensioen mag gaan worden opgebouwd vanaf 21 jaar. In sommige lidstaten geldt nu nog de grens van 25 jaar. Bovendien mogen lidstaten burgers uit andere EU-landen niet langer verplichten meer dan 3 jaar te werken voordat ze opgebouwd pensioen mee kunnen nemen. Sommige EU-landen hebben een drempel van 5 jaar voordat ze pas opgebouwd pensioen aan buitenlanders willen uitbetalen. Er zijn ook landen, waaronder Nederland, die al veel eerder uitkeren aan niet-inwoners. Dat laatste blijft ongewijzigd.

 

De EU-landen moeten nog formeel instemmen. Daarna hebben ze 4 jaar de tijd om nationale wetten aan te passen.