17 juli 2014

Btw-vrijstelling op medische diensten (update)

NL Nieuws Btw-vrijstelling op medische diensten (update)

Door Gerard Kleinhesselink senior manager VAT bij Grant Thornton.

 

De staatssecretaris heeft zijn reactie gegeven op de gevolgen van het arrest van de Hoge Raad van 13 juni jongstleden. Door de uitspraak van de Hoge Raad is ‘gezondheidskundige verzorging van de mens verricht door een Big-gekwalificeerd persoon’ vrijgesteld van btw. Het maakt hierbij niet uit of de werkzaamheden als ZZP’er worden uitgevoerd of in maatschapsverband. Gerard Kleinhesselink, senior manager VAT bij Grant Thornton, reageert op de brief van de staatssecretaris.

 

Beroepsbeoefenaars geen btw in rekening brengen
In zijn brief van 9 juli maakt de staatssecretaris bekend hoe hij omgaat met dit arrest. “Als eerste concludeert hij dat vanaf 13 juni 2014 de ‘Biggers’ zijn vrijgesteld van btw. Deze vrijstelling geldt voor de werkzaamheden die naar hun aard onlosmakelijk verbonden zijn met de werkzaamheden die verricht worden voor de medische verzorging aan patiënten in ziekenhuizen. Voor de beroepsbeoefenaars bekent dit dat zij geen btw meer in rekening mogen brengen. Ook hoeven zij geen btw-administratie meer bij te houden”, aldus Gerard Kleinhesselink.

 

Bezwaren worden vrijgesteld
Het tweede punt van de brief gaat over de Biggers die in het verleden bezwaar en beroep hebben aangetekend tegen de btw-plicht. Gerard Kleinhesselink licht toe: “Voor deze groep geldt dat zij vanaf de datum van het bezwaar zijn vrijgesteld van btw. De btw die zij na deze datum hebben afgedragen kan bij de Belastingdienst worden teruggevraagd.”

 

Beperkte uitleg arrest
“Naar onze mening legt de staatssecretaris het arrest te beperkt uit. In de uitspraak wordt immers  gesproken over ‘diensten verricht op het gebied van gezondheidskundige verzorging van de mens’. Wij zijn van mening dat dit niet alleen inhoudt dat diensten aan ziekenhuizen zijn vrijgesteld, maar ook voor diensten aan andere zorginstellingen. Verschillende belangenorganisaties hebben hier al vragen over gesteld aan de staatssecretaris. Wij verwachten dat hij binnenkort met een verduidelijking van zijn standpunt komt”, besluit Gerard Kleinhesselink.