20 december 2013

Akkoord in EU over verplichte roulatie accountantskantoren

NL Nieuws Akkoord in EU over verplichte roulatie accountantskantoren

Accountantskantoren in de EU krijgen te maken met verplichte roulatie eens in de 10 jaar. Het Europees Parlement en de lidstaten van de EU hebben hierover overeenstemming bereikt. Volgens Grant Thornton, die het voorstel voor scheiding van controle en advies onderschrijft, is het akkoord een belangrijke stap om het vertrouwen in de markt te herstellen.  

 

Grant Thornton International Ltd: 'Grant Thornton supports the agreement in principle and believes these are meaningful steps to address widespread investor concerns about auditor independence, the role of the auditor, financial stability and audit market structure.'

 

Eerder deze maand was er nog sprake van een impasse in het overleg over de hervorming van de Europese accountantsmarkt, omdat betrokken partijen het maar niet eens konden worden over een compromis.

 

De plannen waar nu overeenstemming over lijkt te bestaan, gaan niet zover als de plannen die de Europese Commissie eerder lanceerde. In het akkoord van vandaag worden accountantskantoren verplicht eens in de 10 jaar te rouleren. Organisaties van openbaar belang (OOB's) mogen de audit ambtstermijn eenmaal verlengen na inschrijving. Barnier ziet hierin een stimulans van joint audits. ‘Despite the extension of the rotation period, this principle will have a major impact in reducing excessive familiarity between the auditors and their clients and in enhancing professional skepticism,' aldus Barnier.

 

De nieuwe regels voorzien ook in innovatieve tools die het risico van belangenconflicten moet beperken. Diverse non-auditdiensten worden verboden op grond van een strikte 'zwarte lijst', met inbegrip van strenge beperkingen van fiscale adviezen en diensten in verband met de financiële en de beleggingsstrategie van de controlecliënt. Daarnaast wordt er een ‘cap' op de levering van niet-auditdiensten geïntroduceerd.

 

Barnier: ‘On the cooperation between audit supervisory authorities, I regret that ESMA has not been endorsed as the core structure for coordination but I am pleased that it has been granted an initial mandate on international cooperation. I congratulate the European Parliament, in particular the Rapporteurs Sajjad Karim and Kay Swinburne and the shadow Rapporteurs the Council, and successive EU Presidencies (Denmark, Cyprus, Ireland and Lithuania) for this major achievement.'