17 maart 2014

‘IFRS Foundation raakt mogelijk toezichtsrol accountancy kwijt’

NL Nieuws ‘IFRS Foundation raakt mogelijk toezichtsrol accountancy kwijt’

De rol van de International Financial Reporting Standards (IFRS) Foundation als wereldwijde standardsetter van en toezichthouder op boekhoudregels wordt bedreigd nu Europarlementariërs zich afvragen of de autoriteit eigenlijk wel ‘het meest geschikt' is voor die functie. Dit schrijft The Telegraph.

De in Londen gevestigde instelling, verantwoordelijk voor de standardsetting in ruim 100 landen, ligt onder vuur van EP'ers vanwege de in hun ogen zwakke governancestructuur, een gebrek aan transparantie en de nauwe banden met de ‘accounting industry'.


Vorige week keurde het Europees Parlement nog een financieringsprogramma voor de komende vijf jaar goed van de International Accounting Standards Board (IASB), de standardsettingtak van de  IFRS Foundation. Maar de EP'ers knoopten hier wel een reeks van voorwaarden aan vast. Als daar niet aan wordt voldaan, dan kan de geldkraan van de IASB binnen een jaar dichtgedraaid worden, zo stelt de krant.


Sharon Bowles, voorzitter van de invloedrijke EP-commissie Economische Zaken, zei: ‘Questions have been raised by the European Parliament about the governance structures and lack of transparency of these bodies, as well as their close links to the accounting industry. The release of these EU funding streams will therefore only be forthcoming upon sufficient reform to prevent conflicts of interest, which will bring about much-needed trust and scrutiny on how these highly influential public bodies operate.'


De Britse Europarlementariër Syed Kamall stelde: ‘I am not convinced that it was right for the EU to outsource standard-setting to what is, in effect, a private sector body funded by public money.'


Een woordvoerder van de IFRS Foundation zei: ‘The foundation takes seriously any such concerns and has already begun planning its constitutionally-required five-year review of its structure and effectiveness, to be undertaken during 2014, and we welcome any proposals to improve aspects of our work.'