01 februari 2008

Navorderingstermijn in buitenlandsituaties: vijf of twaalf jaar?

NL Actueel Nieuwsberichten Navorderingstermijn in buitenlandsituaties: vijf of twaalf jaar?

Wellicht goed nieuws voor degenen die te maken hebben met de verlengde navorderingstermijn op inkomsten die afkomstig zijn uit het buitenland: de Europese Commissie heeft Nederland hierover officieel in gebreke gesteld. De staatssecretaris van Financiën houdt echter vast aan zijn standpunt dat het verschil tussen binnen- en buitenland geoorloofd is. Nu is de Hoge Raad weer aan zet.

 

Wanneer een belastingplichtige ten onrechte informatie onthoudt voor de belastingdienst, kan de belastingdienst de ten onrechte niet geheven belasting binnen vijf jaar navorderen. Wanneer het inkomsten uit het buitenland betreft, is deze termijn in de Nederlandse fiscale wetgeving zelfs verlengd naar twaalf jaar.

 

Reactie EC op klacht uit Nederland
Naar aanleiding van een proefprocedure in één van de bekende  KB-Lux-zaken heeft de advocaat-generaal bij de Hoge Raad recent gesteld dat de verlengde navorderingstermijn van twaalf jaar een belemmering kan opleveren van het vrije verkeer van kapitaal. Hij heeft de Hoge Raad geadviseerd hierover een prejudiciële vraag te stellen aan het Europese Hof van Justitie, vooral ook omdat nooit eerder op deze vraag als zodanig is beslist.

 

Namens een van de betrokkenen bij KB Lux is bij de Europese Commissie een klacht ingediend over deze verlengde termijn. Volgens dit kantoor is er sprake van discriminatie doordat de belastingdienst onderscheid maakt tussen inkomsten uit andere landen, waar een verlengde navorderingstermijn van twaalf jaar geldt, en inkomsten uit Nederland, waar de belastingen slechts vijf jaar navorderbaar zijn.

De Europese Commissie concludeerde dat de klacht gegrond was en dat de verlengde termijn van twaalf jaar inderdaad in strijd is met de vrijheid van kapitaalverkeer.

 

Staatssecretaris niet overtuigd
De staatssecretaris is voorlopig nog niet overtuigd en houdt vast aan zijn standpunt dat deze discriminatie geoorloofd is en dat het vrije kapitaalverkeer niet wordt belemmerd. Het wachten is nu dus op het oordeel van de Hoge Raad en of deze de bevrijdende vraag aan het Europees Hof van Justitie zal gaan stellen.

 

Advies
Als bij u de kwestie van de verlengde termijn geldt, adviseren wij u in afwachting van de beslissing van de Hoge Raad in ieder geval bezwaar of beroep aan te tekenen. Onze adviseurs kunnen u daarmee helpen.

 

Deze pagina doorsturen