23 juni 2010

Bodemplaatarrest niet voor corporaties

NL Actueel Nieuwsberichten Bodemplaatarrest niet voor corporaties
De Belastingdienst heeft, in overleg met het Ministerie van Financiën, besloten dat het zogeheten 'Bodemplaatarrest' niet van toepassing is op woningcorporaties. Aedes en corporaties hebben zich steeds verzet tegen toepassing van het bodemplaatarrest, daarbij ondersteund door advieskantoren.

 

Toepassing van het Bodemplaatarrest zou consequenties hebben voor de vennootschapsbelasting die een corporatie moet betalen, aangezien sommige onderhoudskosten dan niet meer afgetrokken zouden kunnen worden.

­

Dat kan een ‘behoorlijke slok op een borrel schelen’ en daarom is een stevige lobby gevoerd, die nu resultaat opgeleverd heeft. Hiermee is een dreigende belemmering op investeringen van corporaties van de baan.

­

Vanwege de ingevoerde belastingplicht voor woningcorporaties vanaf 1 januari 2006 (partiële belastingplicht) en 1 januari 2008 (integrale belastingplicht) is rond de woningcorporaties discussie ontstaan over de toepasbaarheid en reikwijdte van het zogenaamde Bodemplaatarrest (HR 5 februari 1992, BNB 1992/136). Het gaat daarbij om de vraag of woningcorporaties de onderhoudsuitgaven die betrekking hebben op (veroudering tijdens) de vrijgestelde periode maar worden gedaan in de belaste periode, in de belaste periode in aftrek kunnen brengen.

­

Aedes citeert:

In overleg met het Ministerie van Financiën is besloten dat het bodemplaatarrest niet naar analogie zal worden toegepast. Een en ander betekent dat onderhoudsuitgaven van woningcorporaties die in de belaste sfeer worden gedaan ten laste van de fiscale winst van die corporaties kunnen worden gebracht ongeacht op welke periode zij betrekking hebben.

Deze pagina doorsturen