13 december 2011

‘Boedelvrijstelling leidt tot eenvoudiger toepassing bedrijfsopvolgingsfaciliteiten’

NL Actueel Nieuwsberichten ‘Boedelvrijstelling leidt tot eenvoudiger toepassing bedrijfsopvolgingsfaciliteiten’

De huidige Successiewet en de hierin opgenomen bedrijfsopvolgingsregelingen leiden onnodig tot conflicten. Dat zeggen een accountants- en advieskantoor en de Universiteit van Tilburg. Gezamenlijk onderzochten zij de mogelijkheden van de invoering van een alternatief, de boedelfaciliteit, een onderzoek waar de Tweede Kamer op had aangedrongen.

 

Het onderzoek toont aan dat andere erfgenamen, niet beoogde bedrijfsopvolgers, in de praktijk toch bij de opvolging worden betrokken, om zo de fiscale regeling optimaal te kunnen benutten. Een ongewenste uitwerking, aldus de onderzoekers.

 

Verkrijgersvrijstelling

De huidige faciliteit is een verkrijgersvrijstelling. Dit houdt in dat als vader overlijdt terwijl op dat moment maar een van zijn drie zonen in het familiebedrijf werkt, alleen die ene zoon de aandelen in de vennootschap van vader verkrijgt. De andere broers krijgen alleen geld uit de nalatenschap of een vordering in geld op broer 1, maar de vrijstelling geldt alleen voor de verkrijging van broer 1. ‘Om de fiscale faciliteiten toch te benutten worden de  overige kinderen vaak ook min of meer geforceerd betrokken in de bedrijfsopvolging. De faciliteiten beïnvloeden derhalve de vormgeving van die bedrijfsopvolging. Daarnaast kunnen er onnodige conflicten in de familie ontstaan,’ aldus een fiscalist van het accountants- en advieskantoor.

 

Boedelfaciliteit

Met de invoering van een boedelfaciliteit zouden alle erfgenamen voor de vrijstelling in aanmerking komen. ‘De Tweede Kamer heeft al eerder aangedrongen op een onderzoek naar een  boedelfaciliteit, dit hebben wij nu verricht. De wetgever heeft de boedelfaciliteit tot op heden steeds afgewezen omdat alleen de bedrijfsopvolger een vrijstelling nodig heeft. Ons onderzoek toont aan de praktijk denkt dat een boedelvrijstelling leidt tot een eenvoudiger toepassing van de bedrijfsopvolgingsfaciliteiten. Wel geven de respondenten aan dat een boedelvrijstelling niet mag leiden tot een soberder regeling,’ besluit de fiscalist.

Deze pagina doorsturen